Voorop staat dat per onderdeel van een document informatie moet worden beoordeeld en een uitzonderingsgrond (artikel 5.1 of 5.2 Woo) aan openbaarmaking in de weg staan (zie bijv. deze annotatie). Toch zijn er soms uitzonderingen op die regel. In die gevallen is integrale weigering om tot openbaarmaking over te gaan geoorloofd.
Een voorbeeld van zo'n integrale weigering vinden we in deze voor de praktijk relevante uitspraak van de Rechtbank Overijssel 30 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3714.
De rechtbank oordeelt dat het college integraal openbaarmaking van de signaalformulieren heeft mogen weigeren. De gronden ‘inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen’ en ‘het goed functioneren van de Staat of bestuursorganen’ zijn afdoende onderbouwd. De rechtbank vindt het relevant dat de inhoud van de gevraagde documenten, de signaalformulieren, zeer gevoelig is. De inhoud van de signaalformulieren bevat speculaties over mogelijke zorgfraude. Uit deze informatie kan de werkwijze van inspectie en controle worden afgeleid, openbaarmaking waarvan onwenselijk is gelet op de taak die het college als bestuursorgaan heeft met betrekking tot de controle op de naleving van zorgcontracten.
Bijkomend argument vindt de rechtbank gelegen in het feit dat de signaalformulieren worden gedeeld met ketenpartners in het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC). Indien de inhoud van de signaalformulieren (gedeeltelijk) openbaar zouden worden gemaakt, zal dit volgens de gemeente de ‘doodsteek’ betekenen voor een effectieve gegevensuitwisseling. Tussen de RIEC-partners zou minder (of geen) informatie worden uitgewisseld indien het risico bestaat dat de informatie openbaar wordt gemaakt. De rechtbank kan deze redenering volgen. Daarmee zou openbaarmaking het goed functioneren van de gemeente raken.
Deels lakken heeft geen zin aldus de rechtbank. Er blijft geen informatie over die de moeite waard is om te delen. De gemeente heeft de documenten daarom integraal mogen weigeren openbaar te maken.