Wet waardering onroerende zaken inderdaad bijzonder

Cornelis van der Sluis 12-08-2024
820 keer bekeken 0 reacties

Over de ruimte die de wetgever laat als het gaat om bijzondere regelingen

In meerdere berichten en artikelen is al gewezen op de mislukte (oorspronkelijke) poging van de wetgever om voor eens en altijd een einde te maken aan discussies over de verhouding tussen de algemene regeling over openbaarheid van overheidsinformatie (voorheen de Wob, nu de Woo) en bijzondere wetten die iets regelen over transparantie en geheimhouding. Zie bijvoorbeeld par. 2.8 in dit artikel.

De bijlage bij de Woo geeft regelingen die onmiskenbaar bijzonder zijn en de Woo dus - via artikel 8.8 Woo - deels terzijde schuiven. Hoe zit het dan met regelingen die er niet op staan? De wetgever maakte al snel duidelijk dat de lijst niet uitputtend was of kon zijn. En dus werd de rechter de ruimte 'gegund' om de lijst in concrete gevallen 'aan te vullen'. Die ruimte benut de rechtbank Den Haag in deze uitspraak (16 juli 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:12495)
als het gaat om de Wet waardering onroerende zaken. De rechter voelt zich daarbij te meer gesteund door de Verzamelwet BZK die dit 'Wet Woz-vuiltje' bij wet al repareert. Zie eerder hierover al dit bericht

    Afbeeldingen

    Bekijk ook

    Blijf op de hoogte en meld je aan voor de nieuwsbrief  

    Aanmelden

     

     


    Contact

    010 840 02 33
    info@nkoo.nl

    Postadres: Postbus 3107, 3003 AC, Rotterdam
    Bezoekadres: Hofplein 20, 3032 AC, Rotterdam


    Leren bij het NKOO?

    Ontdek onze trainingen via onze keuzehulp. Nog niet helemaal zeker? Laat je gegevens achter en we denken graag met je mee over een passend leertraject of maatwerkadvies.

    Bel mij terug

     

     

     

    Cookie-instellingen